Akkerbouw
Algemeen
Dieren
Economie
Markten
Mechanisatie
Milieu
Politiek
Tuinbouw
Veehouderij
Voeding
Inloggen
 
 
 
Klik hier om u te registreren en te abonneren
(72,60 euro per jaar)
 
Wachtwoord vergeten
Volgend artikelVolgend Artikel

 07 feb 2018 12:23 

Steun voor plattelandsontwikkeling uit het Europees Landbouwfonds voor plattelandsontwikkeling


Ministerieel besluit tot wijziging van diverse bepalingen van het ministerieel besluit van 3 april 2015 tot het verlenen van subsidies voor beheerovereenkomsten met toepassing van Verordening (EU) nr. 1305/2013 van het Europees Parlement en de Raad van 17 december 2013 inzake steun voor plattelandsontwikkeling uit het Europees Landbouwfonds voor plattelandsontwikkeling

DE VLAAMSE MINISTER VAN OMGEVING, NATUUR EN LANDBOUW,

Gelet op verordening (EU) nr. 1305/2013 van het Europees Parlement en de Raad van 17 december 2013 inzake steun voor plattelandsontwikkeling uit het Europees Landbouwfonds voor plattelandsontwikkeling (ELFPO) en tot intrekking van Verordening (EG) nr. 1698/2005 van de Raad, het laatst gewijzigd bij verordening (EU) 2017/825 van het Europees Parlement en de Raad van 17 mei 2017;
Gelet op verordening (EU) nr. 1306/2013 van het Europees Parlement en de Raad van 17 december 2013 inzake de financiering, het beheer en de monitoring van het gemeenschappelijk landbouwbeleid en tot intrekking van Verordeningen (EEG) nr. 352/78, (EG) nr. 165/94, (EG) nr. 2799/98, (EG) nr. 814/2000, (EG) nr. 1290/2005 en (EG) nr. 485/2008 van de Raad, het laatst gewijzigd bij verordening (EU) 2016/791 van het Europees Parlement en de Raad van 11 mei 2016;
Gelet op verordening (EU) nr. 1307/2013 van het Europees Parlement en de Raad van 17 december 2013 tot vaststelling van voorschriften voor rechtstreekse betalingen aan landbouwers in het kader van de steunregelingen van het gemeenschappelijk landbouwbeleid en tot intrekking van Verordening (EG) nr. 637/2008 van de Raad en Verordening (EG) nr. 73/2009 van de Raad, het laatst gewijzigd bij gedelegeerde verordening (EU) 2017/1155 van de Commissie van 15 februari 2017;
Gelet op gedelegeerde verordening (EU) nr. 807/2014 van de Commissie van 11 maart 2014 tot aanvulling van Verordening (EU) nr. 1305/2013 van het Europees Parlement en de Raad inzake bijstand voor plattelandsontwikkeling uit het Europees Landbouwfonds voor plattelandsontwikkeling (Elfpo) en tot invoering van overgangsbepalingen, gewijzigd bij gedelegeerde verordening (EU) 2015/1367 van de Commissie van 4 juni 2015;
Gelet op het uitvoeringsbesluit van de Commissie van 13 februari 2015 tot goedkeuring van het plattelandsontwikkelingsprogramma voor Vlaanderen - België voor bijstand uit het Europees Landbouwfonds voor plattelandsontwikkeling;
Gelet op het uitvoeringsbesluit van de Commissie van 8 september 2017 tot goedkeuring van de wijziging van het plattelandsontwikkelingsprogramma van Vlaanderen (België) voor bijstand uit het Europees Landbouwfonds voor plattelandsontwikkeling;
Gelet op de bijzondere wet van 8 augustus 1980 tot hervorming der instellingen, artikel 20, gewijzigd bij de bijzondere wet van 16 juli 1993;
Gelet op het decreet van 21 december 1988 houdende oprichting van de Vlaamse Landmaatschappij, artikel 6bis, § 3, ingevoegd bij het decreet van 7 mei 2004 en gewijzigd bij het decreet van 23 december 2010;
Gelet op het decreet van 21 oktober 1997 betreffende het natuurbehoud en het natuurlijk milieu, artikel 45, gewijzigd bij het decreet van 12 december 2008, en artikel 46, gewijzigd bij de decreten van 12 december 2008 en 9 mei 2014;
Gelet op het decreet van 8 december 2000 houdende diverse bepalingen, artikel 4;
Gelet op het besluit van de Vlaamse Regering van 19 september 2014 tot het verlenen van subsidies voor beheerovereenkomsten met toepassing van Verordening (EU) nr. 1305/2013 van het Europees Parlement en de Raad van 17 december 2013 inzake steun voor plattelandsontwikkeling uit het Europees Landbouwfonds voor plattelandsontwikkeling, artikel 7, § 2, vervangen bij het besluit van de Vlaamse Regering van 9 september 2016, artikel 20, vierde lid, gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 19 juni 2015, en artikel 21, gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 20 maart 2015;
Gelet op het ministerieel besluit van 3 april 2015 tot het verlenen van subsidies voor beheerovereenkomsten met toepassing van Verordening (EU) nr. 1305/2013 van het Europees Parlement en de Raad van 17 december 2013 inzake steun voor plattelandsontwikkeling uit het Europees Landbouwfonds voor plattelandsontwikkeling;
Gelet op het voorstel van het Instituut voor Natuur en Bos met betrekking tot de wijziging van de afbakening van de beheergebieden voor soortenbescherming en botanisch beheer, gegeven op respectievelijk 14 september 2017 en 17 augustus 2017;
Gelet op het advies van de Inspectie van Financiën, gegeven op 23 oktober 2017;
Gelet op advies 62.393/1 van de Raad van State, gegeven op 28 november 2017, met toepassing van artikel 84, § 1, eerste lid, 2°, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973,

Besluit :
Artikel 1. In artikel 37, tweede lid, van het ministerieel besluit van 3 april 2015 tot het verlenen van subsidies voor beheerovereenkomsten met toepassing van Verordening (EU) nr. 1305/2013 van het Europees Parlement en de Raad van 17 december 2013 inzake steun voor plattelandsontwikkeling uit het Europees Landbouwfonds voor plattelandsontwikkeling worden de volgende wijzigingen aangebracht:
1° in punt 2° wordt het woord "strobalen" vervangen door de woorden "stro- of hooibalen";
2° in punt 3° wordt het woord "strobalen" vervangen door het woord "balen" en wordt het woord "strobaal" vervangen door het woord "baal".
Art. 2. In artikel 42, eerste lid, 6°, van hetzelfde besluit, ingevoegd bij het ministerieel besluit van 8 december 2016, worden de woorden "aan weerszijden" opgeheven.
Art. 3. In artikel 45, eerste lid, van hetzelfde besluit wordt punt 7° vervangen door wat volgt:
"7° er mogen geen gaten voorkomen in de haag.".
Art. 4. In artikel 48, eerste lid, van hetzelfde besluit wordt punt 6° vervangen door wat volgt:
"6° er mogen geen gaten voorkomen in de kaphaag.".
Art. 5. In artikel 51, eerste lid, van hetzelfde besluit wordt punt 6° vervangen door wat volgt:
"6° er mogen geen gaten voorkomen in de heg;".
Art. 6. In artikel 54, eerste lid, van hetzelfde besluit, gewijzigd bij het ministerieel besluit van 8 december 2016, wordt punt 6° vervangen door wat volgt:
"6° er mogen geen gaten voorkomen in de houtkant;".
Art. 7. In artikel 57 van hetzelfde besluit worden de volgende wijzigingen aangebracht:
1° in het eerste lid wordt punt 7° vervangen door wat volgt:
"7° er mogen geen gaten voorkomen in de houtkant.";
2° in het tweede lid, 4°, worden tussen het woord "houtkant" en de woorden "als vermeld" de woorden "of heg" ingevoegd;
3° in het tweede lid, 7°, worden tussen het woord "houtkant" en de woorden "als vermeld" de woorden "of heg" ingevoegd.
Art. 8. In artikel 60, eerste lid, van hetzelfde besluit wordt punt 6° vervangen door wat volgt:
"6° er mogen geen gaten voorkomen in de knotbomenrij;".
Art. 9. In artikel 61/2, eerste lid, van hetzelfde besluit, ingevoegd bij het ministerieel besluit van 8 december 2016, wordt punt 6° vervangen door wat volgt:
"6° er mogen geen gaten voorkomen in de houtsingel;".
Art. 10. In artikel 79 van hetzelfde besluit worden de volgende wijzigingen aangebracht:
1° in het eerste lid wordt punt 1° vervangen door wat volgt:
"1° de ligging van de bloemenstrook is geschikt om het beheerpakket op toe te passen volgens de beoordeling van de maatschappij;";
2° in het tweede lid wordt punt 1° vervangen door wat volgt:
"1° de bloemenstrook wordt tot stand gebracht door de strook jaarlijks voor 1 mei in te zaaien met een eenjarig bloemenmengsel of door de strook voor 1 mei van het eerste jaar van de beheerovereenkomst in te zaaien met een meerjarig mengsel van vlinderbloemigen. De voorwaarden waaraan het eenjarige bloemenmengsel of het meerjarige mengsel van vlinderbloemigen moet voldoen, zijn opgenomen in bijlage 5, die bij dit besluit is gevoegd;";
3° in het tweede lid wordt punt 5° vervangen door wat volgt:
"5° op de bloemenstrook mogen alleen de volgende activiteiten worden uitgevoerd:
a) inzaaien of herinzaaien;
b) frezen voor de inzaai of herinzaai;
c) maaien en afvoeren van het maaisel;";
4° in het tweede lid worden punt 8° en 9° vervangen door wat volgt:
"8° als een meerjarig mengsel van vlinderbloemigen wordt ingezaaid, wordt de bloemenstrook als volgt beheerd om de bloei beter te spreiden:
a) de volledige bloemenstrook wordt jaarlijks gemaaid in de periode vanaf 15 september tot en met 15 oktober, waarbij het maaisel wordt afgevoerd;
b) vanaf het eerste jaar dat volgt op het jaar van de inzaai, mag de bloemenstrook daarnaast jaarlijks gemaaid worden in de periode vanaf 1 januari tot en met 15 mei, waarbij het maaisel wordt afgevoerd. Als in de voormelde periode gemaaid wordt, moet minimaal de helft van de breedte van de strook behouden blijven;"
9° als een meerjarig mengsel van vlinderbloemigen wordt ingezaaid, mag de strook in het tweede jaar dat volgt op het jaar van de inzaai van het meerjarige mengsel van vlinderbloemigen, voor 1 mei heringezaaid worden met een eenjarig bloemenmengsel of een meerjarig mengsel van vlinderbloemigen dat voldoet aan de voorwaarden, vermeld in bijlage 5, die bij dit besluit is gevoegd;";
5° aan het tweede lid wordt een punt 10° toegevoegd, dat luidt als volgt:
"10° als een eenjarig bloemenmengsel wordt ingezaaid, mag de strook in een daaropvolgend jaar voor 1 mei heringezaaid worden met een meerjarig mengsel van vlinderbloemigen dat voldoet aan de voorwaarden, vermeld in bijlage 5, die bij dit besluit is gevoegd.".
Art. 11. In artikel 112/2, tweede lid, van hetzelfde besluit, ingevoegd bij het ministerieel besluit van 8 december 2016, worden de volgende wijzigingen aangebracht:
1° punt 6° en 7° worden vervangen door wat volgt:
"6° de luzernestrook wordt jaarlijks drie keer gemaaid, waarbij het maaisel wordt afgevoerd binnen vijftien dagen na het maaien. De eerste maaibeurt wordt uitgevoerd in de periode vanaf 1 mei tot en met 31 mei. De tweede maaibeurt wordt minstens zestig dagen later dan de eerste maaibeurt uitgevoerd en uiterlijk voor 1 september. De derde maaibeurt vindt plaats in de periode vanaf 1 oktober tot en met 1 maart van het daaropvolgende kalenderjaar. De derde maaibeurt mag vervangen worden door klepelen of door maaien zonder dat het maaisel afgevoerd wordt. In het eerste jaar van de beheerovereenkomst en in het jaar dat de luzerne heringezaaid wordt, mag ook de eerste maaibeurt vervangen worden door klepelen of maaien zonder afvoer van het maaisel;
7° op de luzernestrook mogen alleen de volgende activiteiten worden uitgevoerd:
a) inzaaien of herinzaaien;
b) frezen voor de inzaai of herinzaai;
c) maaien of klepelen, en afvoeren van het maaisel;";
2° er wordt een punt 9° toegevoegd, dat luidt als volgt:
"9° op de luzernestrook worden geen meststoffen of bodemverbeteringsmiddelen opgebracht, behalve voor de inzaai van de luzerne.".
Art. 12. In artikel 112/8, tweede lid, van hetzelfde besluit, ingevoegd bij het ministerieel besluit van 8 december 2016, wordt punt 10° vervangen door wat volgt:
"10° de beheerder houdt een register bij waarin per luzernestrook alle maaidata en klepeldata worden genoteerd. De voormelde data worden uiterlijk zeven dagen na het maaien of klepelen in het register genoteerd.".
Art. 13. Bijlage 2 bij hetzelfde besluit wordt vervangen door bijlage 1, die bij dit besluit is gevoegd.
Art. 14. Aan bijlage 4 bij hetzelfde besluit wordt een punt 10° toegevoegd, dat luidt als volgt:
"10° de bloemenstroken, aangelegd via het beheerpakket aanleg en onderhoud bloemenstrook, vermeld in artikel 79.".
Art. 15. In bijlage 5 bij hetzelfde besluit, vervangen bij het ministerieel besluit van 8 december 2016, worden de volgende wijzigingen aangebracht:
1° paragraaf 2 wordt vervangen door wat volgt:
" § 2. Als in het kader van het beheerpakket aanleg en onderhoud bloemenstrook een bloemenmengsel of mengsel van vlinderbloemigen ingezaaid moet worden, moet voldaan worden aan al de volgende voorwaarden:
1° de bloemenstrook wordt uitsluitend ingezaaid met een eenjarig bloemenmengsel of meerjarig mengsel van vlinderbloemigen als vermeld in de volgende tabel b);
2° het eenjarige bloemenmengsel of meerjarige mengsel van vlinderbloemigen wordt ingezaaid volgens de zaaihoeveelheid, vermeld in de volgende tabel b);
3° de Tübinger- en Brandenburgerbloemenmengsels zijn eenjarige bloemenmengsels;
4° het meerjarige mengsel van vlinderbloemigen bestaat uit de soorten, vermeld in de volgende tabel b). Het maximale percentage van een soort die opgenomen mag worden in het meerjarige mengsel van vlinderbloemigen, is vermeld in de volgende tabel b);
5° het eenjarige bloemenmengsel bestaat uit de soorten, vermeld in de volgende tabel b). Het maximale percentage van een soort die opgenomen mag worden in het eenjarige bloemenmengsel is vermeld in de volgende tabel b);
Tabel b)

Nederlandse benaming bloemenmengsels en mengsels van vlinderbloemigen wetenschappelijke naam zaaihoeveelheid: minimaal gewicht per hectare maximaal percentage van het ingezaaide gewicht
Tübinger   kg/ha  
Brandenburger   10 kg/ha  
eenjarig bloemenmengsel   10 kg/ha  
korenbloem Centaurea cyanus   15 %
grote klaproos Papaver rhoeas   15 %
echte kamille Matricaria chamomilla   10 %
groep: kruisbloemigen (minstens twee van de onderstaande soorten en altijd zwarte mosterd):     30 %
koolzaad Brassica napus    
raapzaad Brassica rapa subsp. oleifera    
zwarte mosterd Brassica nigra    
groep: vlinderbloemigen (minstens drie van de onderstaande soorten):      
luzerne Medicago sativa  
bonte wikke Vicia villosa   30 %
vogelwikke Vicia cracca    
esparcette Onobrychis viccifolia    
incarnaatklaver Trifolium incarnatum    
meerjarig mengsel van vlinderbloemigen   15 kg/ha  
rode klaver Trifolium pratense   40 %
luzerne Medicago sativa   10 %
vogelwikke Vicia cracca   15 %
incarnaatklaver Trifolium incarnatum   10 %
esparcette Onobrychis viccifolia   10 %
bonte wikke Vicia villosa   15 %

2° in paragraaf 3, tabel c), wordt het woord "zomertarwe" vervangen door het woord " tarwe" en wordt het woord "zomerhaver" vervangen door het woord "haver".
Art. 16. Bijlage 10 bij hetzelfde besluit, vervangen bij het ministerieel besluit van 8 december 2016, wordt vervangen door bijlage 2, die bij dit besluit is gevoegd.
Art. 17. Bijlage 12 bij hetzelfde besluit, ingevoegd bij het ministerieel besluit van 8 december 2016 en vervangen bij het ministerieel besluit van 6 juli 2017, wordt vervangen door bijlage 3, die bij dit besluit is gevoegd.
Art. 18. Op de beheerovereenkomsten die zijn gesloten vóór de inwerkingtreding van dit besluit, is het ministerieel besluit van 3 april 2015 tot het verlenen van subsidies voor beheerovereenkomsten met toepassing van Verordening (EU) nr. 1305/2013 van het Europees Parlement en de Raad van 17 december 2013 inzake steun voor plattelandsontwikkeling uit het Europees Landbouwfonds voor plattelandsontwikkeling, zoals van kracht vóór de inwerkingtreding van dit besluit, van toepassing.
In afwijking van het eerste lid is bijlage 10 van het voormelde ministerieel besluit, zoals van kracht na de inwerkingtreding van dit besluit, vanaf 1 januari 2018 van toepassing op de beheerovereenkomsten die zijn gesloten vóór de inwerkingtreding van dit besluit.
Brussel, 12 december 2017.
De Vlaamse minister van Omgeving, Natuur en Landbouw,
J. SCHAUVLIEGE



  Nieuwsflash
 
Plaatselijk onweerLees meer
 
 
Zwoel en onweerachtigLees meer
 
 
Onweer met kans op wateroverlastLees meer
 
 
Straks geen Roundup meer te koopLees meer
 
 
Overstromingen onoverkomelijkLees meer
 
 
Expo FLAX DNA te Brugge geopend: kom alles te weten over vlasLees meer
 
 
Wetgeving ggo’s duwt de technologie in de handen van multinationalsLees meer
 
 
Landinrichtingsproject Moervaartvallei Lees meer
 
 
Wijziging wet op de riviervisserij Lees meer
 
 
Aphanomyces – zwartwortelrot waargenomen op bietenpercelen met dichtgeslagen bodemLees meer
 
 
Onkruidbestrijding in suikerbieten: distel- en grasbestrijdingLees meer
 
 
Studiedagen, vergaderingen en demo'sLees meer
 
 
Bijmesten zinvol?Lees meer
 
 
Steeds meer landbouwers vinden geen opvolgerLees meer
 
 
Marktvooruitblik Flandria juniLees meer
 
 
Over het algemeen ontwikkelen de bieten zich goed!Lees meer
 
 
Intrekking van producten op basis van diquat voor gebruik in hopLees meer
 
 
Concrete invulling van het droogteplan Lees meer
 
 
Toezicht op de export van kuikensLees meer
 
 
Aquacultuur in Vlaanderen en Nederland klaarstomen voor de toekomstLees meer
 
 
EC verheugd over groen licht voor start van handelsbesprekingen met Australië en Nieuw-ZeelandLees meer
 
 
Donderdag 31 mei, uiterste wijzigingsdatum van de verzamelaanvraagLees meer
 
 
Weerbericht voor de landbouwLees meer