Akkerbouw
Algemeen
Dieren
Economie
Markten
Mechanisatie
Milieu
Politiek
Tuinbouw
Veehouderij
Voeding
Inloggen
 
 
 
Klik hier om u te registreren en te abonneren
(72,60 euro per jaar)
 
Wachtwoord vergeten
Volgend artikelVolgend Artikel

 06 feb 2019 16:35 

De milieu- en klimaatintenties van de Vlaamse Regering inzake voedings- en landbouwbeleid


Actuele vraag over de milieu- en klimaatintenties van de Vlaamse Regering inzake voedings- en landbouwbeleid
van Hermes Sanctorum-Vandevoorde aan minister Geert Bourgeois

De voorzitter

De heer Sanctorum heeft het woord.

Hermes Sanctorum-Vandevoorde (Onafhankelijke)

Minister Van den Heuvel, ook van mijn kant proficiat met uw aanstelling.

Minister-president, collega's, het eten van vlees heeft veruit de grootste milieu-impact waar individuele mensen vat op hebben. Dat is geen ideologische stelling, dat is wat wetenschappelijke studies doorrekenen. 

Tegelijkertijd, en dat weten we allemaal, is vlees een heikele kwestie in de politiek. Mijn collega's weten dat ik al jaren strijd tegen VLAM en zijn vleespromotie, waarbij zogezegd vlees van eigen bodem wordt gepromoot, maar eigenlijk is het de bedoeling om het consumptieniveau van vlees op peil te houden.

VLAM, dat is de overheid. Dat betekent dus dat de overheid eigenlijk campagne voert tegen het klimaat en tegen het milieu. Dat is inderdaad al jaren een doorn in het oog.

Minister-president, mijn vraag is veeleer een oproep tot engagement. Ik twijfel er niet aan dat u een oplijsting zult geven van mogelijke maatregelen die kunnen worden genomen op het vlak van landbouw en voeding, maar ik hoop dat het een coherent beleidspakket wordt, waarin ook duurzame voedingsgewoonten een belangrijke plaats krijgen.

De voorzitter

Minister-president Bourgeois heeft het woord.

Minister-president Geert Bourgeois

Collega Sanctorum, ik ben blij dat de nieuwe minister bevoegd voor het klimaat in de zaal aanwezig is. Ik ga geen lange opsomming geven. Vorige week had ik het genoegen om hier het Vlaams Klimaat- en Energieplan nog eens uit de doeken te doen. Ik heb vier grote lijnen gegeven.

Een: we gaan met de hele regering – elke minister op zijn domein – zo snel mogelijk aan de slag om alle investeringen en maatregelen die we daarin hebben geformuleerd, uit te voeren. We wachten niet op het advies van de Europese Commissie.

Twee: we roepen iedereen op om deel te nemen aan het openbaar onderzoek dat loopt vanaf maart.

Drie: elke minister neemt op zijn terrein de verantwoordelijkheid op om nu met de stakeholders aan tafel te gaan, dus ook de minister bevoegd voor het klimaat en voor de landbouw met de landbouwsector en de milieuorganisaties.

Vier: we gaan de dialoog met de klimaatbetogers voortzetten.

U weet dat we in ons Vlaams Klimaat- en Energieplan duidelijke doelstellingen hebben geformuleerd. De landbouwsector moet in het jaar 2030 min 26 procent doen ten opzichte van 2016, min 27 procent als je vertrekt vanaf 2005. Daar zit een hele reeks maatregelen in die ik in dit korte bestek niet zal opsommen. Dat is ook niet uw bedoeling.

Mijnheer Sanctorum, ik ben het met u eens dat de landbouwsector – dat heb ik vanmorgen ook op de radio gezegd – zijn verantwoordelijkheid moet opnemen, ook in die transitie. Dat zal moeten gebeuren met adaptatie en met mitigatie. Daar gaan heel wat zaken bij te pas komen. Het gaat uiteraard over minder energieverbruik, minder CO2- en methaanuitstoot, over vernieuwing in producties en productiemethoden, goederen enzovoort.

Niet meteen voor de landbouw, maar in het algemeen voor iedereen, ben ik er ook van overtuigd dat het gedrag van ons allemaal zal moeten worden aangepast. Dat zou zich veruiterlijken in onze manier van ons te verwarmen, van ons te verplaatsen, maar ook in onze manier van voeden.

Het is dus een omvattend plan. We staan open voor bijkomende maatregelen die we kunnen onderbouwen, die haalbaar en betaalbaar zijn. We hebben dat uiteraard heel goed becijferd. Het Klimaat- en Energieplan zoals we het hebben goedgekeurd, is niet het eindpunt, maar we staan open voor verdere, bijkomende maatregelen in alle sectoren.

De voorzitter

De heer Sanctorum heeft het woord.

Hermes Sanctorum-Vandevoorde (Onafhankelijke)

Minister-president, ik ben blij dat u nog eens benadrukt dat de landbouw in Vlaanderen ook die transitie zal moeten ondergaan of opnemen. Mijn probleem met het klimaatbeleid inzake landbouw tot nog toe is dat alleen maar wordt gekeken naar de uitstoot hier, zeg maar, de landbouwmachines die hier uitstoten, de koeien die hier methaan uitstoten.

Maar bij vleesproductie komt er natuurlijk veel meer kijken. Denk maar aan ontbossing wereldwijd ten gevolge van de productie van veevoer. Ik wil dat ook duurzame voedingsgewoonten een belangrijke rol krijgen in dat vernieuwde klimaatbeleidsplan.

Ik wil ook nog even benadrukken – het mag gerust gezegd worden – dat ik heel kritisch was voor die vleesbrochures van VLAM in de scholen, waarmee men kinderen aanzet tot het eten van vlees. Ik had het daar heel moeilijk mee, en ik was blij dat Joke Schauvliege ten minste het overleg organiseerde tussen mij en VLAM om dit opnieuw te bekijken. Ik hoop dat haar opvolger Koen Van den Heuvel dat overleg zal verderzetten, en dat we tot resultaten zullen komen.

De voorzitter

Mevrouw Rombouts heeft het woord.

Tinne Rombouts (CD&V)

Collega’s, ik sluit me aan bij deze vraagstelling, door nogmaals te onderstrepen dat het in eerste instantie onze plicht en onze verantwoordelijkheid is om mensen gezonde voedingsgewoonten aan te leren, en die gewoontes te promoten. Dat gebeurt – terecht – op een goede manier, onder andere via schoolpakketten. Ik verwijs dan ook graag naar het recente initiatief van www.gezondleven.be.

De eerste boodschap bij gezonde voedingsgewoonten is nog altijd gevarieerde voeding. En binnen die gevarieerde voeding is er ook plaats voor vlees. Ik hoop dat we niet zomaar aan die boodschap voorbijgaan, en dat we niet iedereen met de vinger wijzen die gematigd, en in de juiste verhouding, vlees eet. Dat zou geen gezonde houding zijn.

Ik betreur een beetje het verhaal van en de strijd tegen VLAM, zoals collega Sanctorum aanhaalt. In hun campagnes prijzen zij vooral onze kwaliteitsvolle producten en onze lokale productie aan. En dat is belangrijk voor het klimaat. Mijn vraag aan de minister is: blijft u erachter staan dat VLAM – op gematigde wijze – onze kwaliteit en onze lokale productie blijft promoten?

De voorzitter

Mevrouw Robeyns heeft het woord.

Els Robeyns (sp·a)

Ik wil het pleidooi ondersteunen dat er fundamenteel andere keuzes nodig zijn voor ons landbouwmodel. Ons huidig model is vooral gericht op grootschalige productie, waarbij kwantiteit primeert op kwaliteit, met alle gevolgen van dien voor milieu, klimaat, dierenwelzijn en volksgezondheid. We moeten drastische keuzes maken, en evolueren naar duurzame, kleinschaliger landbouwmodellen met meer garanties op vlak van dierenwelzijn en klimaat. Op Vlaams niveau zijn er ook op vlak van vergunningen enkele moedige keuzes noodzakelijk.

Vandaag is er in Nederland een beperking of een verbod op megastallen. We stellen vast dat die Nederlandse veevoederproducenten allemaal uitwijken naar Vlaanderen. Ook daar moeten we moedige keuzes maken. Die oproep zou ik ook graag willen doen.

De voorzitter

De heer Vanderjeugd heeft het woord.

Francesco Vanderjeugd (Open Vld)

Het is belangrijk dat we in dit debat alle sprekers aan het woord laten, en dat we dit ruim bekijken. We mogen ook niet naar een gepolariseerd debat gaan. De landbouw heeft de afgelopen tien jaar bewezen dat hij in staat is om heel sterk te evolueren richting de klimaatdoelstellingen. Het is ook een sector die op diverse vlakken inspanningen heeft gedaan, soms meer dan andere sectoren.

Als we spreken over het eten van vlees, de vleesproductie, de intense veehouderij, en alles wat export betreft – de economische belangen –, dan pleit ik ervoor om dat in een breder kader te blijven bekijken.

De voorzitter

De heer Caron heeft het woord.

Bart Caron (Groen)

Minister-president, het is een anachronisme om er bij de Vlamingen voor te pleiten om de voedingsgewoonten te verbeteren en duurzamer met voeding om te gaan. Tegelijkertijd voeren we miljoenen ton soja in uit Zuid-Amerika om te voederen aan onze dieren, die we dan op onze beurt exporteren. We produceren twee keer zoveel dieren – vlees – als we zouden kunnen opeten, in tijden waarin de vleesconsumptie bij de burger vermindert.

Als we iets willen doen aan het klimaat, dan moeten we anders omgaan met onze veestapel, en daarover nadenken. Minister, wat denkt u van een begeleide afbouw, een vermindering van de veestapel? Hoe kunnen we onze landbouwers daar ook in blijven ondersteunen, wetende dat bijvoorbeeld de helft van onze varkensboeren geen boeren zijn, maar integratoren die in dienst werken van een veevoederfabrikant?

De voorzitter

De heer Sintobin heeft het woord.

Stefaan Sintobin (Vlaams Belang)

Ik vind de vraag van collega Sanctorum qua timing een beetje vreemd. Het is ook wel een vervolg op het debat van vorige week. Ik heb begrip voor uw kruistocht tegen het eten van vlees, en tegen de landbouw in het algemeen.

Ik wil toch nogmaals duidelijk stellen dat de landbouw bij uitstek een economische sector is. Het is natuurlijk allemaal gemakkelijk gezegd dat we nu de veestapel gaan verminderen, dat we landbouwbedrijven gaan wegdoen, dat we de export gaan verminderen.

Ik wil trouwens collega Vanderjeugd bijtreden. Ik weet niet of u soms op bezoek gaat op een landbouwbedrijf, maar ik kan u meenemen naar enkele landbouwbedrijven die de laatste jaren, de laatste tien jaar, heel zware financiële inspanningen gedaan hebben, onder andere in verband met milieu en het klimaat.

Maar jullie geven nooit een antwoord op de vraag wat we gaan doen als we de veestapel verminderen. Wat is onze concurrentiepositie nog in de wereld? Wat is onze concurrentiepositie in Vlaanderen? Wat gaat u doen met het jobverlies? Hoeveel geld wilt u er inderdaad tegenaan gooien om die veestapel, om de landbouw te verminderen? Dit is gewoon een opmerking, voorzitter.  

De voorzitter

Mevrouw Joosen heeft het woord.

Sofie Joosen (N-VA)

De toekomst van onze Vlaamse land- en tuinbouw ligt in innovatie en in duurzaamheid. De bulkproductie van vlees kan iedereen in de markt doen. Vlaanderen kan zich onderscheiden door in te zetten op nieuwe technologieën en door meerwaarde te creëren. Flanders Food richt zich op die nieuwe opportuniteiten, en verder uiteraard ook op het onderzoek naar alternatieven, bijvoorbeeld het kweekvlees.

Blijft de Vlaamse Regering inzetten op dergelijke innovaties? Welke mogelijkheden ziet u nog op dat vlak?

De voorzitter

Minister-president Bourgeois heeft het woord.

Minister-president Geert Bourgeois

Zoals ik daarstraks al zei, is er een heel breed scala aan bedenkingen, suggesties en voorstellen gekomen. Ik denk dat de landbouw voor heel grote uitdagingen staat. Er is terecht gezegd dat de band met de consument gemaakt zou moeten worden. Dat is ook wat de industrie doet, wat de economie doet. Je ziet een verschuivend gedragspatroon, zeker bij jonge mensen. Ik denk dat het een uitdaging is voor de landbouw om daarop in te spelen, uiteraard met respect voor de economische waarde van landbouw, met grote zorg voor de leefbaarheid van het landbouwbedrijf. We weten allemaal dat dit de zwakste schakel is in die voedselketen, heel veel producenten staat het water aan de lippen, zo niet hoger. Ze hebben het dus soms bijzonder moeilijk om bijkomende zware investeringen te doen.

Niettemin denk ik dat er geen andere weg is dan deze weg te bewandelen. Het is dus ook een uitdaging voor de landbouw. Net zoals we dat doen in maatschappelijk verantwoord ondernemen, lijkt mij de band tussen consument en landbouwsector eerder een opportuniteit dan een bedreiging te zijn. Ik weet dat heel veel landbouwbedrijven daar inderdaad al op inspelen en zich bewust zijn van een veranderend voedingspatroon en veranderd bewustzijn bij de consument.

Wat de Vlaamse overheid kan doen – maar ik zal niet spreken namens de nieuwe minister van Landbouw – is daarin ook een facilitator te zijn. Zoals ik zei, elke minister gaat nu in overleg met de sectoren, precies om te komen – in het geval van Landbouw – tot een resultaatsverbintenis met tussentijdse monitoring. Als het niet volstaat, worden in 2025 bijkomende maatregelen genomen.

Maar ik denk dat het vooral belangrijk is om heel die verandering gedragen te weten door de landbouwsector en door de samenleving, met inderdaad aandacht voor de diversiteit in de voedingsproducten en met heel veel respect voor de korte keten. Ik denk dat ook daar een opportuniteit zit. We hebben met de Vlaamse Regering – ik heb dat destijds geïnitieerd – het ketenoverleg georganiseerd, met de vraag om zoals in het Verenigd Koninkrijk een bewaker te hebben van voldoende inkomsten voor die mensen in de eerste sector, die vol goede wil zijn, maar die ook wijzen op de armlastigheid waarin de sector zich bevindt. Je kunt daar niet aan prijsregulering gaan doen wegens EU-regels, maar dit is een groot maatschappelijk vraagstuk. Je kunt die sector maar meekrijgen als er afdoende inkomsten zijn voor de mensen. Je kunt alleen maar werken vanuit een leefbare sector. We weten dat het aantal landbouwers drastisch vermindert: per week verdwijnt er één landbouwer, als ik het goed heb. We gaan naar een grote consolidatie, die dan weer andere vragen oproept. Het is dus een zeer, zeer complex probleem.

Ik kom in de landbouwsector, net zoals in onze economie, net zoals in onze bedrijven, heel veel landbouwers tegen die aan het werken zijn, zowel aan de adaptatie als aan de mitigatie. Ze zijn bereid om maatregelen te nemen, ze weten dat ze geconfronteerd worden met grote droogtes, met grote overstromingen, dat er ingegrepen moet worden in de productie, in het bijhouden van het water en dergelijke meer, en dat er veranderingen moeten komen. 

Dat zal evenzeer het geval zijn in de producten die worden voortgebracht, in de manier van produceren, in de duurzaamheid ervan. Het zou een mooie zaak zijn als we een band zouden kunnen leggen tussen aan de ene kant de landbouwsectoren en verantwoordelijke beroepsorganisaties en aan de andere kant de consument. We zouden aan de landbouw duidelijk kunnen maken – maar ik denk dat ze daar wel in mee zijn – dat het voor hen een uitdaging is, een opportuniteit, om in te spelen op die veranderingen in de samenleving die zich heel drastisch en heel snel aan het voltrekken zijn.

De voorzitter

De heer Sanctorum heeft het woord.

Hermes Sanctorum-Vandevoorde (Onafhankelijke)

Ik dank u opnieuw voor het antwoord. Het ligt een beetje in het verlengde van de discussie die de afgelopen weken werd gevoerd rond klimaat. Inderdaad, polarisering is niet nodig. Maar we mogen wel de fundamentele vraag stellen wat de rol is van de overheid. En voor mij is het antwoord dan heel duidelijk: het algemeen belang. Punt. Geen andere belangen, het algemeen belang.

Het spijt me, maar als dan in een brochure die wordt verspreid op scholen, het figuurtje Sam Ham aan de kinderen vraagt ‘Wat vinden jullie lekker als vleesbeleg op de boterham?’ en tegelijkertijd volgens de voedingsdriehoek vleesbeleg in dezelfde categorie valt als snoep, dan is er iets mis. Het spijt me, maar dan is de vleeslobby aan het woord in plaats van een zorgzame overheid. En dat vind ik problematisch.

Dus nogmaals, ik hoop dat ook deze Vlaamse overheid, deze Vlaamse Regering, het aandurft om die duurzame eetgewoonten te bekijken.

De voorzitter

De actuele vraag is afgehandeld.



  Nieuwsflash
 
Oppompverbod in West-Vlaamse waterlopen nog altijd van kracht Lees meer
 
 
Dewulf toont nieuwe opties RA3060, Kwatro en MH-reeks tijdens Potato Europe 2019 Lees meer
 
 
Plan de afzet van uw mest voor mestverwerking tijdig in! Lees meer
 
 
Qualibeef, voorheen Veviba, failliet Lees meer
 
 
Eten we binnenkort sardienen of tonijn uit de Noordzee? Lees meer
 
 
Weinig Italiaanse perenLees meer
 
 
Crisis in fruitsector bedwingen met pruimenteelt Lees meer
 
 
Overname veehouderijen voor stikstofcompensatie Lees meer
 
 
Eerste belastingberekeningen de deur uit Lees meer
 
 
Help het ontstaan van nieuwe dier- en plantenziekten in BelgiŰ te voorkomenLees meer
 
 
POTATO EUROPE: 4-5 september 2019Lees meer
 
 
Bestrijding van klassieke en Afrikaanse varkenspest bij wilde zwijnen Lees meer
 
 
Neonicotino´denLees meer