Akkerbouw
Algemeen
Dieren
Economie
Markten
Mechanisatie
Milieu
Politiek
Tuinbouw
Veehouderij
Voeding
Inloggen
 
 
 
Klik hier om u te registreren en te abonneren
(72,60 euro per jaar)
 
Wachtwoord vergeten
Vorig ArtikelVorig artikel Volgend artikelVolgend Artikel

 23 sep 2022 13:46 

Ventilus: parlementaire vragen


Vraag om uitleg over verdere onderzoeksopdrachten in het kader van het Ventilusdossier
van Jeremie Vaneeckhout aan minister Zuhal Demir

Vraag om uitleg over het burgemeestersoverleg over Ventilus en de invoering van stralingsnormen
van Carmen Ryheul aan minister Zuhal Demir

De voorzitter

– Een aantal sprekers nemen mogelijk deel via videoconferentie.

De heer Vaneeckhout heeft het woord.

Jeremie Vaneeckhout (Groen)

Minister, het is niet de eerste keer dat we rond dit thema al in gesprek gaan en het zal, vrees ik, niet helemaal de laatste keer zijn. Maar ik wil wel starten met iets positiefs. Ik heb begrepen dat in een vorig thema de normen rond straling aan bod zijn gekomen, en wij juichen heel erg toe dat er normen zijn. Dus voor alle duidelijkheid: u krijgt al onze steun als het daarover gaat, wat onze fractie betreft.

Meer vragen hebben wij bij de aanpak van het Ventilusdossier. Het is een complex dossier, dus ik ga toch eventjes de ruimte nemen om kort een terugblik te doen op de timing en op het project zelf. 

We hadden eigenlijk van in het begin al wel kunnen inschatten dat het een lastig dossier zou zijn. Enerzijds heb je natuurlijk het feit dat het project broodnodig is in functie van het aan land brengen van de op zee geproduceerde windenergie, maar ook voor de versterking en de vermazing van het West-Vlaamse en het Vlaamse elektriciteitsnet, om op die manier voldoende de kaart van de elektrificatie te kunnen trekken, en tegelijk de elektriciteitsvoorziening van de West-Vlaamse bedrijven te garanderen.

Aan de andere kant is het natuurlijk logisch dat dit soort projecten, die landschappelijk wel een impact hebben en die ook soms wel wat vragen oproepen als het gaat over bestraling, ook bij de bewoners in de omgeving zorgen zouden losmaken.

In maart 2019, dus nog voor de vorige verkiezingen, is het project afgetrapt met een startnota die is voorgelegd aan de bevolking. En tegen 28 juni 2019 was er het einde van het inspraaktraject, dus drie maanden later. We zijn intussen meer dan drie jaar verder, en eigenlijk moeten we tussentijds vaststellen dat er heel weinig is gebeurd. Op 28 juni komen de inspraakresultaten binnen, en daar wordt over nagedacht, daar wordt op gewerkt. In het voorjaar van 2020, in mei 2020, dus bijna een jaar later, beslist u samen met de regering om een aantal expertengroepen aan te stellen rond de technologische haalbaarheid van eventuele alternatieven rond de impact op landschap en landbouw, en rond de gezondheidsrisico’s van het voorliggende project.

Ik wil hier toch even het woord ‘expert’ bij benadrukken. In de eerste fase van de startnota zijn er experten betrokken geweest om dit project uit te werken. En een jaar later beslist u om een expertenwerkgroep aan te stellen, onafhankelijke experten, om informatie te verzamelen en te kijken of we toch alles bekeken hebben. Die expertengroepen doen hun werk, en een jaar later komt u opnieuw naar de regering met een voorstel. Vanwege het tumult dat er nog altijd is, en om de wetenschappelijk-technologische uitdagingen te verzoenen met het gevoel van mensen, is in mei vorig jaar beslist om een intendant aan te stellen. Zelfs die stap hebben wij vanuit onze fractie nog mee ondersteund. 

Maar dan waren we intussen weer een jaar later, en de taak van die intendant was tweeledig: enerzijds het bundelen van alle expertise – ik benadruk het nogmaals – om heldere en objectieve antwoorden te kunnen bieden op alle concrete vragen, en anderzijds werken aan een draagvlak voor het project. Bijna weer een jaar later, in februari-maart 2022, stelt de intendant vast dat er een slotrapport is. En dat blijkt heel helder te zijn, op basis van expertise, op basis van objectieve informatie: om aan de doelstellingen van het project te voldoen is een gedeeltelijk bovengrondse luchtlijn het enige realistische alternatief. Even helder en teleurstellend was ook de vaststelling van de intendant dat het draagvlak bij een deel van de bevolking niet weggemasseerd raakt.

Op dat moment zegt u en kondigt u aan dat u eigenlijk snel met dit rapport aan de slag wilt gaan. Eind maart zult u knopen doorhakken, en de deadline wordt een stukje verschoven naar de paasvakantie, omdat er nog bijkomend overleg nodig was. Halverwege mei, intussen dus drie jaar later, na eigenlijk de laatste formele stap in het proces, de startnota, tweeëneenhalve maand na de oplevering van het rapport, wordt ook het rapport van de intendant publiek gemaakt. Maar een beslissing was er op dat moment nog niet. Week na week zaten wij in de besluiten van de regering te kijken: wanneer zou er een beslissing genomen worden? Maar ook de laatste minsterraad net voor de zomer bleek op dat vlak een flop te zijn: er kwam geen witte rook rond het dossier.

Begin september bent u dan, zoals aangekondigd, afgezakt naar Brugge om een overleg te houden met alle betrokken burgemeesters uit de gemeenten waar Ventilus zou passeren. En volge wie volgen kan: u komt buiten uit die vergadering, samen met uw collega, met de viceministers-presidenten, en de conclusie is dat we nog wat expertise gaan inschakelen. Dit is eigenlijk de vierde keer – ik heb het daarnet al een paar keer herhaald – dat er expertise wordt ingeschakeld, uit een soort illusie dat dat de uitdaging zou oplossen waarover de beleidsmakers op een bepaald moment moeten beslissen.

Ondertussen blijven ook duizenden West-Vlaamse gezinnen in het ongewisse of Ventilus nu wel degelijk een impact zal hebben op hun verdere leven. Dat is namelijk pas voor in een latere fase. De formele procedure moet eigenlijk nog opgestart worden, met het verdere traject rond het gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan (GRUP), de voorlopige en definitieve vaststelling enzovoort. Dat zou oorspronkelijk in het voorjaar van 2021 afgerond zijn. Dus een jaar geleden moest het definitieve plan er liggen. Nu zijn we in drie jaar nog altijd geen stap verder, dus ten vroegste binnen twee à drie jaar kunnen we misschien, zo is mijn vermoeden, landen met een finale beslissing.

Zolang er geen duidelijkheid is over waar Ventilus komt en op welke manier, blijven gezinnen met hun woningen, maar ook bedrijven, in het ongewisse, en zetten zij hun leven on hold. Dat geldt trouwens niet alleen voor mensen die betrokken zijn door de plaats waar Ventilus komt, maar ook voor hen die wonen waar de lijnen verzwaard zouden moeten worden. Dat gaat dan over andere gemeenten die minder aan bod komen, zoals Harelbeke, Deerlijk, Zwevegem, Anzegem en Vichte.

Het is logisch dat die mensen vandaag zeggen dat zij niet geneigd zijn om te investeren in bijkomende dakisolatie, zonnepanelen of andere verbouwingswerken, als de kans bestaat dat ze straks zouden moeten verhuizen door het project van Ventilus.

Wij pleiten er al heel lang voor om ruime compensaties aan die mensen te geven, minister, en we hebben er ook begrip voor dat u inderdaad niet speelt met bezorgdheden rond gezondheid. Het zou er nog aan ontbreken dat wij daar als fractie niet voor openstaan. Maar het moet ons toch van het hart dat wij ook vinden dat beleidsmakers op een bepaald moment moeten beslissen, en niet in cirkeltjes moeten draaien.

Daarom hebben wij hier een aantal fundamentele vragen bij. Minister, ik zal ook benadrukken – ik kan soms ook tussen de lijnen lezen – dat ik die vragen niet alleen aan u stel maar aan de voltallige Vlaamse Regering. Want het moet mij van het hart, minister, dat ik soms meen vast te stellen dat u misschien soms zelfs wat sneller zou willen gaan. Zo kennen we u ook meestal als minister. Maar we moeten ook vaststellen dat er bij de politieke bereidheid breder in de regering soms wat meer vragen te stellen zijn. Dus ik kaart dat hier meteen maar heel helder aan, omdat ik denk dat de Vlamingen recht hebben om te weten waar het eigenlijk echt vast zit, en hoe het komt dat we na drie jaar nog altijd naar die expertise op zoek lijken te zijn die al lang op tafel ligt.

Welke vragen bleven er voor u en voor de regering nog onbeantwoord na alle voorgaande studies en het concluderende rapport van de intendant?

Werd het pas op het overleg met de burgemeesters duidelijk dat deze antwoorden nog ontbraken?

Waarom duurt het een half jaar tussen het bekendmaken van het rapport en het vastleggen van een overleg met de burgemeesters, terwijl net uit dat rapport al bleek dat draagvlak creëren de grootste dobber zou zijn? Dat betekent dat we opnieuw een halfjaar hebben verloren zonder ook maar één stap vooruit te zetten.

Welke bijkomende studies wilt u nu nog laten uitvoeren? In hoeverre overlappen deze qua onderzoeksvraag met de eerdere studies? Welke nieuwe onderzoeksvragen zijn er?

Wie schrijft die onderzoeksopdrachten uit? Wie kiest de onderzoekers? Wie betaalt die bijkomende studies?

Wat is de deadline voor het bijkomend onderzoek en welke verdere timing ziet u voor de huidige stap in het hele planningsproces?

Engageerden de burgemeesters zich om, indien het bijkomend onderzoek dezelfde resultaten oplevert als het bestaande, actief mee te helpen bouwen aan draagvlak bij de bevolking en op zijn minst zelf geen procedureslag op te starten?

Wanneer verwacht u voor de gezinnen en bedrijven die betrokken zijn eindelijk duidelijkheid over het Ventilusproject, zodat zij opnieuw op beide oren kunnen slapen?

De voorzitter

Mevrouw Ryheul heeft het woord.

Carmen Ryheul (Vlaams Belang)

Bedankt voor de tijdlijn, collega Vaneeckhout. Inderdaad, op vrijdag 2 september vond dat topoverleg plaats tussen de fine fleur van de Vlaamse Regering en de burgemeesters van de betrokken gemeenten bij de geplande Ventilushoogspanningslijn. Na afloop van het overleg werd er besloten om de ondergrondse piste opnieuw te onderzoeken. De regering staat daarbij toe dat de gemeenten hun eigen deskundigen aanbrengen.

Op 15 juli sprak de Vlaamse Regering bovendien af om stralingsnormen in te voeren voor alle nieuwe hoogspanningslijnen in Vlaanderen. Een week na het burgemeestersoverleg plakte de regering daar een norm op van 0,4 microtesla voor langdurige blootstelling en 100 microtesla voor acute blootstelling. De normen zullen gelden bij nieuwe hoogspanningstrajecten en bij aanpassingen aan bestaande lijnen. De regering kondigde ook aan een permanente monitoring van magnetische velden in de buurt van hoogspanningslijnen op te zetten en de oprichting van een fonds te onderzoeken waarin bedrijven die mede verantwoordelijk zijn voor de blootstelling, zoals bijvoorbeeld Elia, een financiële bijdrage leveren.

Ondertussen is bekend dat er op vraag van de burgemeesters slechts één specialist is aangesteld, de Duitse professor Dirk Westermann, die gespecialiseerd is in gelijkstroomverbindingen. Hoe zal zijn onderzoek verlopen naar die ondergrondse piste? Hoe zal dat precies gevoerd worden? En hoe zit het met het specifieke tijdsverloop van dat onderzoek?

Hoe wilt u vermijden dat een bovengrondse Ventiluslijn tot een juridische uitputtingsslag leidt?

Wanneer zult u het handhavingsluik en monitoringssysteem over de magnetische velden beschikbaar maken, wanneer zal dat voltooid zijn?

Hoe zal het onderzoek naar de oprichting van bovenvermeld fonds precies verlopen en wanneer zullen we de resultaten ervan kennen?

Heeft Elia ondertussen al gereageerd op de oprichting van een sectorfonds waartoe ze zelf een financiële bijdrage zou moeten leveren?

De voorzitter

Minister Demir heeft het woord.

Minister Zuhal Demir

Collega’s, dit dossier roept inderdaad zeer veel vragen op bij de lokale burgemeesters en de mensen die er wonen. Eerst was er wantrouwen ten aanzien van Elia. Ik herinner me dat nog heel goed, omdat ik tussenkwam in het dossier. Ik vond ook dat we niet alles moesten overlaten aan Elia. We stelden onze eigen intendant aan, die met een team van professoren werkte. Voor energie was dat Dirk Van Hertem. Voor gezondheid was dat dokter Adang. Die laatste zit ook in de Gezondheidsraad. Deze mensen zijn samen met intendant Guy Vloebergh niet van de minsten. De reden waarom ik dat gedaan had was omdat er heel veel wantrouwen was ten aanzien van Elia want Elia was zelf belanghebbende. Ik stelde een intendant aan met die experten. Ik twijfel ook niet aan de expertise. De intendant heeft samen met zijn experten goed werk geleverd. Een van de goede dingen waren de stralingsnormen. Die hebben we dan ook onmiddellijk ingevoerd voor heel Vlaanderen ineens. Dat is ook van belang.

Over de technologiekeuze en de plandoelstellingen was men ook heel duidelijk. Er is overleg geweest tussen de intendant en de burgemeesters. Ik heb zelf ook een aantal burgemeesters gezien. Op 2 september hebben we in Brugge gesproken met heel veel burgemeesters die hun bezorgdheden meegaven. Op basis daarvan hebben we gezegd dat de burgemeesters de plandoelstellingen onderschrijven. Want het is natuurlijk belangrijk dat we niet alleen de energie van zee naar land brengen, maar dat we ook de netversterkingen realiseren, alsook de back-up van Stevin en nog een aantal andere versterkingen. Al die doelstellingen blijven wel bestaan. We splitsen dat niet op. We zeggen niet dat we dit of dat gaan doen want het is logisch dat je als beleidsverantwoordelijke toch niet het risico wilt nemen om te zeggen dat we enkel dat doen en dat we voor de back-up van Stevin – die is maar 0,8 procent – het risico nemen. Als er dan problemen zijn, is dat een heel slechte keuze. Het is belangrijk dat we achter die doelstellingen blijven staan.

Die zijn ook door zo goed als alle burgemeesters onderschreven. Het enige waar de burgemeesters naar vroegen, is of er iemand een dubbelcheck kan doen op de technologiekeuze. Het antwoord was: dat is oké, zolang alle plandoelstellingen behouden  blijven, het planproces kan doorgaan en de scopingnota ergens in november voorbereid kan worden. Die timing hebben we altijd vooropgesteld in de administratie. We hebben gezegd dat we dat doen in die tussentijd als dat rust brengt bij de burgemeesters, want uiteindelijk is het lokale draagvlak ook belangrijk. De Duitse professor Westermann van de Technische Universiteit Ilmenau werd als expert aangesteld. Hij zal het eindrapport van de intendant en vooral de technologiekeuze nog eens goed bekijken en een dubbelcheck doen, zodat er ook tegemoetgekomen kan worden aan de vraag van de burgemeesters. De vooropgestelde timing voor het afleveren van de werkzaamheden van professor Westermann is 4 november van dit jaar. Daarnaast kreeg het team van de intendant ook een aantal technische vragen voorgelegd rond de verdere uitwerking van het afwegingskader bij magnetische velden. Daar is de timing van 7 oktober afgesproken.

Het rapport van de intendant heeft ook duidelijkheid gebracht. Het was goed om dat te doen. Hij heeft zijn tijd genomen. Hij heeft met iedereen gesproken, met de buurt- en de actiecomités, maar ook met de burgemeesters. Hij heeft verschillende opties naast elkaar gelegd. Voor de zomer hebben we met de collega’s van de Vlaamse Regering afgesproken om de burgemeesters te horen over het rapport van de intendant. Dat was het uitgangspunt. We hebben ons aan die afspraak gehouden. Het overleg was interessant. Jullie weten dat ik graag overleg. Het was goed om dat te doen. Het is nu kwestie om ons aan die afspraken te houden en om de expert professor Westermann de dubbelcheck te laten doen. Het is wel belangrijk dat men achter de plandoelstellingen blijft staan, dat we de plandoelstellingen niet uit elkaar gaan trekken.

De stralingsnormen zijn sowieso van belang, voor heel Vlaanderen eigenlijk. We zullen naar een platform gaan zodat het transparant is voor eenieder die in de buurt woont van hoogspanningskabels, zodat men weet wat de gehanteerde normen zijn en wat er gebeurt als men daarboven gaat. Dat betekent dat Elia dat naar de normale hoeveelheid moet brengen. Het is goed dat we dat in Vlaanderen doen.

Waarom heeft het lang geduurd? Er is het afgelopen jaar heel veel overleg geweest. De intendant heeft er heel veel tijd in gestoken. Dat was van belang. We hebben in de Vlaamse Regering over het verslag van de intendant gesproken. We hebben besloten om een laatste overlegmoment met de burgemeesters vast te leggen.

De bijkomende onderzoeksopdrachten worden uitgeschreven en betaald door het departement. Dat is belangrijk, dat gebeurt niet door Elia. Elia is een andere partij. We houden dat in handen van het departement.

Voor de keuze van de te gebruiken technologie hebben de burgemeesters de mogelijkheid gekregen om zelf een expert aan te duiden die dan samen met de intendant en zijn experten zal werken rond deze vragen.

Zoals gezegd komt er in november de scopingnota, zodat de discussie rond de technologiekeuze kan worden beslecht. Het concretere onderzoek op tracéniveau kan worden gestart. De scopingnota geeft de totale scope van het onderzoeksgebied voor het tracé weer. Tegen dan moeten we de resultaten hebben van het werk van professor Westerman en het team van de intendant. Daarna zal een keuze worden gemaakt uit de verschillende tracés.

Het overleg op 2 september verliep erg constructief, dat moet worden gezegd. Het is altijd fijn om in West-Vlaanderen te zijn. Er zijn goede afspraken gemaakt. De burgemeesters hebben zich geëngageerd om de uitkomst van de extra check van professor Westerman te aanvaarden. Als we dat niet doen, wordt het heel gevaarlijk, dat wil ik wel meegeven. Het is cruciaal dat we de kennis van professoren, experten en wetenschappers niet in twijfel trekken. Dat betekent dat we daar vervolgens mee aan de slag zullen moeten gaan.

Er wordt gevraagd naar juridische procedures. Die kan ik op voorhand nooit uitsluiten. We leven in een rechtsstaat, al een geluk; ieder heeft het recht om te procederen. Het is aan ons, aan de overheid, om ervoor te zorgen dat er een beslissing valt die rekening houdt met alle wetten en decreten. Dat is ons werk.

Het is duidelijk waar het monitoringsysteem naartoe zal gaan.

Collega Ryheul vroeg naar het fonds, het sectorfonds. Het is aan het Departement Omgeving om te bepalen welke richting dat uit zal gaan enzovoort. Dat is een vraag die bij het Departement Omgeving ligt. Zij zijn dat aan het bekijken.

De volgende stap is de scopingnota in november. Tegelijk zullen professor Westerman, de intendant en onze energiespecialist professor Van Hertem duidelijkheid geven over de dubbelcheck van de technologiekeuze. Essentieel is dat de plandoelstellingen overeind blijven.

De voorzitter

De heer Vaneeckhout heeft het woord.

Jeremie Vaneeckhout (Groen)

Minister, ik dank u voor het antwoord. Het geeft veel inzicht in wat er nog komt en wat er gebeurd is met alle positieve en negatieve zaken die daarbij horen.

U hebt eerst en vooral onze steun inzake het behouden van de plandoelstellingen. Het is goed dat u daarover waakt.

We hebben gevraagd waarom het zolang heeft geduurd. Een deel van het antwoord is natuurlijk het vele overleg met partners en het vele onderzoek. Dat hebben we altijd gesteund. Onze fractie heeft tot bij de aanduiding van de intendant altijd gezegd dat het goed was dat dit ernstig werd genomen en dat we daar nog verder mee aan de slag gingen. Alleen is voor ons de maat nu wel vol. We zien dat er in maart een verslag was van de intendant en dat er nu in september een overleg is met de burgemeesters. In november komt er een scopingnota. We hopen dat de burgemeesters zich dan achter de conclusies van de dubbelcheck ... (Opmerkingen van minister Zuhal Demir)

Oké, de ‘final check’.

… scharen. Dan reken ik nog op de coalitiepartners in de Vlaamse Regering om zich bij de conclusies van de final check neer te leggen.

Want het is onze overtuiging dat je 101 keer kunt checken, totdat je een resultaat verkrijgt dat je beter uitkomt. Maar ernstige wetenschappers blijven meestal wel bij dezelfde conclusies, omdat die ergens op gebaseerd zijn.

Ik doe een oproep aan de coalitiepartners en richt mij tot de collega's van cd&v. Ik ben zelf West-Vlaming, ik weet hoe gevoelig het dossier ligt. Ik ben opgegroeid in de directe nabijheid van de Hortalijn, een gelijkaardige lijn. (Opmerkingen van Tinne Rombouts. Gelach)

En dit is inderdaad het resultaat. Maar goed, die opmerking is voor rekening van collega Rombouts – ik wilde toch even vermelden dat de opmerking van haar kwam.

Maar eigenlijk is het niet om te lachen. Eigenlijk is het een ernstige oproep, om te beseffen hoe moeilijk zo’n dossier ligt, maar ook om te beseffen wat de verantwoordelijkheid van een beleidsmaker is. Het irriteert mij mateloos dat er tijd verloren gaat, dat er wordt gespeeld met de energietoekomst en de energiewelvaart van Vlaanderen door dit soort projecten op de lange baan te schuiven. Vaak zijn het de mensen die erover klagen dat de procedures in Vlaanderen veel te lang duren die nu eigenlijk zonder ook maar enige extra inhoudelijke redenen in cirkels blijven draaien. Dit dossier zit niet meer inhoudelijk vast, het zit enkel en alleen nog maar politiek vast, omdat een aantal mensen het om electorale redenen niet aandurven om hun verantwoordelijkheid te nemen. Ik mag daarin wat scherper zijn. Ik begrijp dat u dat niet zult doen, u hebt een andere rol. Ik mag daarin wat scherper zijn, omdat ik vind dat ik recht van spreken heb, ten eerste als provinciegenoot, maar ten tweede omdat ik het dossier heel goed ken en al heel lang opvolg.

De maat is vol. We kunnen het ons zeker in dit tijdperk niet permitteren om dit soort van projecten twijfelachtig te laten, terwijl op inhoudelijk vlak alles duidelijk is.

Minister, rekent u er samen met mij op dat alle coalitiepartners zich in november zullen neerleggen bij de conclusies van de ‘final check’ en bij de scopingnota zoals die voorligt, en dan echt de volgende stap vooruit zullen zetten? Hoe kijkt u daarnaar?

De voorzitter

Mevrouw Ryheul heeft het woord.

Carmen Ryheul (Vlaams Belang)

Minister, ik dank u voor uw antwoorden. Behalve het feit dat u niet van plan bent om de plandoelstellingen van elkaar los te koppelen en enkele deadlines heb ik weinig nieuws gehoord. Ik stel me de vraag of de Vlaamse Regering nog wel weet wat ze wil in dit dossier. Uw partijvoorzitter stelde na het burgemeestersoverleg in een interview in de krant: “Mij lijkt het evident dat Ventilus er bovengronds zal komen.” En verder zei hij: “Maar het is een goede strategie van de Vlaamse regering om eerst met de actiecomités te praten (...) en te kijken hoe men hen tegemoet kan komen.”

U gaf daarnet zelf aan dat u het draagvlak heel belangrijk vindt en graag overleg wilt. Maar ik zou toch graag willen weten wanneer het overleg met die actiecomités heeft plaatsgevonden en indien dat nog niet is gebeurd – want dat ís nog niet gebeurd – of er  effectief nog naar die mensen zal worden geluisterd. Want het lijkt erop dat Ventilus voor uw regering enkel nog een groot gezondheidsexperiment dreigt te worden, ten koste van onze West-Vlaamse bevolking.

En men krijgt ook de indruk dat u met het bijkomende onderzoek van professor Westermann wilt bevestigen dat het bovengronds moet en dat Ventilus volledig is gebaseerd op misleiding en op het achterhouden van informatie. Het is aan u, minister, om dat te ontkrachten.

Ik heb nog twee bijkomende vragen voor u. Ten eerste, zal het bijkomende onderzoek gebeuren met de toegestane afwijking van de plandoelstelling, zoals de beperkende plandoelstelling 2, namelijk 6 gigawatt-verbinding tussen Stevin en Avelgem? Of zal het opnieuw een misleidend, beperkt onderzoek worden?

Minister, zoals u weet, krijgt Elia op dit ogenblik in Wallonië geen vergunning voor de realisatie van een bovengrondse Boucle du Hainaut. Op bladzijde 110 van het verslag van de intendant wordt expliciet gesteld dat een ondergrondse Ventilus op gelijkstroom kan worden overwogen indien een bovengrondse Boucle du Hainaut niet wordt gerealiseerd. Wordt er bij het huidige onderzoek rekening gehouden met dit advies? Zo nee, waarom niet?

Ten slotte heb ik een laatste vraag. Vanuit het Verenigd Koninkrijk zal de Cronosgelijkstroomverbinding via Zeebrugge aansluiten op het Ventilusproject, boven op die voorziene Nautilusverbinding en de huidige Nemoverbinding. Hierdoor zal het jaargemiddelde van de belasting op Ventilus nog meer toenemen, waardoor de stralingsblootstelling bij een bovengrondse Ventilus alleen maar zal toenemen voor de bevolking. Waarom werd er in het eindrapport van de intendant geen rekening gehouden met Cronos? Acht u een bovengrondse Ventilus in die optiek nog verantwoord en bovengronds vergunbaar?

De voorzitter

De heer Vandaele heeft het woord.

Wilfried Vandaele (N-VA)

De betrokken burgemeesters, waarvan ik er eentje ben, hebben hun bezorgdheden al bij herhaling kunnen formuleren. Ik ga die dus niet herhalen. Het is wel goed dat er een persoonlijk overleg is geweest tussen de burgemeesters en de Vlaamse Regering. Dat was een goed overleg. We zagen dat de burgemeesters dat ook waardeerden. Het is ook goed dat die prof nog eens naar het eindrapport van de intendant kan kijken en dat nog eens kritisch tegen het licht kan houden.

Het is ook belangrijk dat er stralingsnormen komen, minister, en dat er een permanente monitoring komt van die lijnen. Nu kunnen we alleen nog afwachten, collega. Uiteraard gaan wij er wel van uit dat de Vlaamse Regering een wijze en collegiale beslissing zal nemen.

De voorzitter

De heer Dochy heeft het woord.

Bart Dochy (cd&v)

Voorzitter, minister, collega's, ik vind het een beetje bizar. Ik deel de mening van de collega daarnet in verband met het belang van de dubbelcheck die nu nog gebeurt, van die ‘final check’ of hoe je het ook noemt. Maar ik neem aan dat er hier een aantal mensen rond de tafel zitten, digitaal of niet, die ervan uitgaan dat de beslissing reeds zou gevallen zijn, dat het per definitie een bovengronds tracé wordt en dat het ondergrondse onmogelijk is. Collega Ryheul heeft er echter op gewezen dat er ook in het rapport van de intendant staat dat een ondergrondse gelijkstroomverbinding tot de mogelijkheden behoort. Het is niet zo dat het rapport van de intendant per definitie een ondergrondse gelijkstroomverbinding uitsluit. 

Het is de verdienste van de 25 burgemeesters, waarvan er hier een aanwezig is – ik ben er geen van –, dat er nu ook gekeken wordt naar de stralingsnormen. Het is toch wel hallucinant om vast te stellen dat er voor dergelijke infrastructuren tot op vandaag geen enkele norm is. De Vlaamse Regering heeft gezegd dat die 100 microtesla een belangrijke is. Dat is ook een belangrijke, maar het is niet de belangrijkste, want men moet bijna met zijn hoofd tussen de kabels zitten om aan 100 microtesla blootgesteld te worden. De 0,4 microtesla is veel belangrijker. Die staat nog niet in de wetgeving. De vraag is hoe men daarmee zal omgaan. Men spreekt over bindende afwegingskaders. Wat dat betekent, weet ik niet. Men spreekt ook over bijkomende normen, eventueel voor tijdelijke belasting. Men spreekt over 20 microtesla, een norm die reeds in het Binnenhuismilieubesluit is opgenomen maar enkel voor binnenhuisaangelegenheden. De minister heeft bevestigd dat aan professor Adang zal worden gevraagd om zich daar nog even over te buigen. Dat is ook belangrijk. Er is dus iets dat nog loopt. Daar zal dus nog verder onderzoek rond gebeuren.

Maar ik ga ervan uit dat er op een eerlijke en transparante manier kan worden gewerkt door professor Westermann en dat de burgerplatformen en de ondernemersplatformen die opgericht zijn, ook betrokken worden in de procedure en in het verloop van de dubbelcheck of de ‘final check’ die nu gebeurt. Het is enkel op dat moment, als er voldoende betrokkenheid is, dat het resultaat dat professor Westermann op tafel zal leggen samen met zijn team, geloofwaardig zal zijn. Als er geen geloofwaardig resultaat uit de bus komt, dan zal Ventilus zich verder blootstellen aan procedures en dat willen we niet. De burgemeesters willen allemaal dat er effectief zo snel mogelijk een verbinding komt voor de elektriciteit die nog moet worden geproduceerd op zee. Voor alle duidelijkheid, er is ook een groot misverstand: soms wordt er gezegd dat er vandaag windmolens zijn die hun maximale capaciteit niet aan land kunnen brengen. Dat is niet zo. Alle windmolenparken die vandaag op zee staan, kunnen perfect hun elektriciteit afleiden naar het vasteland. Het gaat enkel over de nieuw aan te leggen windmolenparken waarvoor Ventilus noodzakelijk is om bijkomende afvoer te doen.

Als men ervan uitgaat dat een bestaande lijn die nu 0,95 gigawatt transporteert zomaar kan worden opgewaardeerd tot 6 gigatwatt zonder dat er enige bekommernis moet zijn voor de gezondheid van de mensen, dan volgen de burgemeesters niet, want zij hebben in eerste instantie bekommernis voor de gezondheid van hun mensen. Wanneer men de norm van 0,4 microtesla in de wetgeving opneemt, wat we ook wensen, minister, dan zal dat ook gevolgen hebben voor de kostprijs voor het realiseren van een bovengrondse leiding.

We gaan daar heel gemakkelijk mee om en men spreekt dikwijls een beetje denigrerend over enkele tientallen gezinnen die zouden moeten verhuizen, maar als die gezondheidsnorm ingevoerd wordt, zal het ook ... (onverstaanbaar) … Vinden we het allemaal zo normaal dat aan mensen gevraagd wordt om te verhuizen? We zitten toch niet in China, hé? We gaan toch niet zomaar mensen onteigenen en verplaatsen? Het gaat over mensen die een huis, een tuin, een omgeving, een leefgemeenschap en een sociaal leven hebben en wij gaan ervan uit dat zij zomaar gemakkelijk kunnen worden verhuisd?

Ik denk dat we eigenlijk tot de conclusie moeten komen dat we allemaal moeten hopen dat een ondergrondse gelijkstroomverbinding, als alternatief voor die bovengrondse wisselstroomleiding zal kunnen. Dat moet het signaal vanuit deze commissie zijn, denk ik, dat we hopen dat die final check ertoe leidt dat de ondergrondse gelijkstroomverbinding de finale oplossing wordt, en de beste oplossing wordt voor de toekomst. 

Het is inderdaad niet vermeld in het rapport, maar er is ook een geplande bijkomende lijn van Groot-Brittannië naar het vasteland. We hopen dat dat allemaal kan gerealiseerd worden, voor de elektriciteit die de komende 50 jaar nog bijkomend geproduceerd zal worden op de Noordzee .

De voorzitter

Minister Demir heeft het woord.

Minister Zuhal Demir

Het doet mij deugd om te zien dat collega Dochy op dezelfde lijn zit als collega Ryheul. Dat is een eerste vaststelling.

Ik vind het belangrijk dat het rapport goed gelezen wordt. Het rapport zegt heel duidelijk dat als je alle doelstellingen wilt realiseren, dit niet ondergronds kan. Als je enkel de energie van zee naar land wil, dan kan dat ondergronds. Dat is zo klaar als een klontje, en dat staat ook in het rapport. Maar het rapport zegt ook dat, als je én een netversterking wilt doen, én een backup van Stevin, én al de rest, dat dan niet ondergronds kan. Dan moet het bovengronds.

Het klopt dat alle partijen daarover een standpunt hebben, en mijn partijvoorzitter heeft dat ook goed gebracht. Maar het is wel belangrijk dat we in de regering een akkoord vinden en een beslissing nemen. Ik heb er geen probleem mee dat de professor nog eens kijkt naar de technologiekeuze, als dat de burgemeesters ter plekke kan geruststellen en helpen. Ik denk dat u er niet was, collega Dochy, ik heb u niet gezien, maar er is ook heel duidelijk gezegd en duidelijk afgesproken dat we ons allemaal achter die doelstellingen zetten.

Bart Dochy (cd&v)

Minister, voor alle duidelijkheid: mijn gemeente is niet betrokken, en ik was dus niet uitgenodigd.

Minister Zuhal Demir

Ah, oké, dan is het goed dat u daar een zeer uitgesproken mening over hebt, maar er is toen wel heel duidelijk afgesproken dat we die doelstellingen niet laten vallen. Daarover wil ik heel duidelijk zijn. Als ik u nu hoor, dan lijkt het of u toch niet al die doelstellingen wilt behouden. Sorry, maar ik ga echt niet het risico nemen om geen backup te hebben, of geen netversterking te doen. Kijk maar naar Nederland. Daar kunnen nu geen vergunningen meer bij komen. Dat is niet enkel door stikstof – dat is een andere discussie – maar er kunnen daar geen vergunningen meer worden verleend aan een bedrijf, omdat de netten niet sterk genoeg zijn. Men speelt dus wel wat met de welvaart. Ik heb er geen enkel probleem mee dat dit nog eens goed wordt nagekeken, maar ik vind het potverdikke niet onze taak om aan wetenschapspopulisme te doen, want dat is wat mevrouw Ryheul doet. U moet het rapport juist lezen, mevrouw Ryheul, over wat er ondergronds kan, en wat bovengronds kan. De intendant is daarover heel duidelijk.

Collega Dochy, ik betreur inderdaad ook dat het wachten was tot deze minister vooraleer er stralingsnormen zijn bepaald. We hebben die gemaakt. U spreekt nu over de binnenhuisnormeringen. Ja, die zijn natuurlijk veel strenger. Als je de kabels binnenshuis zet, dan heb je natuurlijk andere normen, dat klopt. Ook dat willen we bekijken. Maar u moet niet zeggen dat we nu gaan vertragen of zo. Dat staat niet in mijn woordenboek. We hebben afgesproken dat ik mag verderwerken aan het planproces, met de scopingsnota. Wat Wallonië betreft: zij wachten op de beslissing in Vlaanderen. Zij kijken naar wat er hier gaat gebeuren. Wij hebben in Vlaanderen de neiging om heel veel zaken voor ons uit te schuiven, met alle gevolgen van dien. Dan ontploft de boel op een keer, en dan zijn heel veel mensen daarvan het slachtoffer. Ik wil dus niet gaan vertragen. Als we eenmaal weten wat de final check is, en stel dat dan zou blijken dat we al onze doelstellingen ondergronds kunnen halen, waarom zouden we dat dan niet doen? Men moet niet doen alsof ik dat absoluut bovengronds wil. Als het ook ondergronds kan, dan graag. Maar de intendant is daar heel duidelijk over: als je alle plandoelstellingen wilt halen … Iemand moet mij anders maar eens zeggen welke plandoelstellingen men dan niet wil realiseren? Ik ga dat risico niet nemen. Men moet mij dan maar komen zeggen wat men niet wil doen. De intendant is er duidelijk over dat dit enkel bovengronds kan. Onze specialist, de professor, was een paar weken geleden nog ergens op een internationale conferentie met allerlei leveranciers. Hij heeft het daar ook nog eens ter sprake gebracht en gevraagd of er ondertussen al een nieuwe technologie is. Maar ook daar heeft men gezegd dat die er nog niet is.

Ik heb er een probleem mee dat men hier precies de indruk wil wekken alsof wij dat absoluut bovengronds willen plaatsen terwijl het ook ondergronds kan. Dat wil ik tegenspreken. Als het ondergronds kan, dan graag, maar het moet technologisch mogelijk zijn om de doelstellingen te halen die voor de overheid van belang zijn. Mevrouw Ryheul, u moet me dan maar eens zeggen welke doelstellingen u niet belangrijk vindt. Wat moet er dan niet gebeuren? We moeten wel correct blijven, en de informatie zo correct en objectief mogelijk hanteren. Ik houd nooit iets achter, en de intendant ook niet. Ik denk dat niemand dat doet. Alles is openbaar. Zoals ik eerder al zei is er met de actiecomités en de burgercomités ook al vaak gesproken en veel mails uitgewisseld.

Er is iets waar ik me heel erg aan stoor, mevrouw Ryheul. We nemen kennis van de inzichten van professor Adang en anderen uit de gezondheidssector, maar u beweert dat we de mensen bewust verzieken. Ik heb echt wel problemen met die bewering. Ik denk dat geen enkele beleidsmaker zo’n keuze zou maken.

De voorzitter

De heer Vaneeckhout heeft het woord. Mag ik vragen om het beknopt te houden, zodat we onze agenda vandaag kunnen afwerken?

Jeremie Vaneeckhout (Groen)

Ik doe mijn best om het kort te houden, voorzitter. Minister, ik denk dat u duidelijk geantwoord hebt – waarvoor dank – op mijn tussenkomst en die van een aantal collega’s.

Ik wil eerst een paar zaken onderstrepen. Ten eerste, als het gaat over gezondheid, denk ik dat niemand in deze ruimte ook maar enig risico wil nemen. Al het onderzoek daarrond is gevoerd. Als het gaat over eventuele gedwongen verhuizingen, hebben we altijd gezegd en zeggen we ook nu heel uitdrukkelijk dat er daarvoor heel ruime compensaties moeten zijn. Er moeten ook normen komen. Dat steunen we helemaal. Wat gezondheid betreft, neemt niemand hier een risico. Ik hoorde een paar platte uitspraken waarrond heel gemakkelijk een bepaalde sfeer wordt geschapen, die echt stuitend en problematisch zijn.

Ten tweede heeft de intendant heel goed gewerkt. Het werk is verzet, alles werd samengelegd en alles ligt op tafel. Dat is een genuanceerd verslag met een duidelijke conclusie. Daar staan inderdaad een aantal mogelijke pistes in als je andere doelstellingen zou loslaten. Maar ik hoop dat we wel weten waar we naartoe willen met de energietoekomst van Vlaanderen. Onze voornaamste boodschap is dus: beslis!

Collega Dochy, ik hoor u zeggen: “Ik hoop, en ik hoop dat iedereen hoopt, dat het ondergronds komt. Uit onderzoek blijkt dat we ondergronds alles kunnen doen.” Sta me toe, na het lezen van verschillende studies, de kansen daarop niet zo hoog in te schatten. Sta me ook toe te zeggen dat er dan ook stralingsrisico’s zijn en dat dat debat er ook is als het gaat om ondergrondse lijnen. Als het gaat over rechtszaken inzake onteigening: die zullen er ook zijn bij een ondergronds scenario. Stop dus met te zeggen dat het ondergrondse scenario de gemakkelijkste oplossing is. (Opmerkingen van Bart Dochy)

Ik verkondig absoluut geen dingen die niet correct zijn.

Ik sluit af met de woorden van collega Bothuyne, specialist energie van cd&v, in de commissie van oktober 2020, dus ongeveer twee jaar geleden: “U luistert te veel naar de burgemeesters. Het is tijd om te beslissen. Alles ligt op tafel. Loop het traject en neem daar de leiding van.” Ik kan me alleen maar aansluiten bij de energiespecialist van cd&v in dit Vlaams Parlement, die op dat moment ook alle expertise op tafel liggen had en toen al zei dat het eigenlijk duidelijk was. We hebben daarna nog een aantal stappen gezet. Nu is de speeltijd echt voorbij. Ik hoor collega’s graag zeggen dat we moeten stoppen met ons te moeien, maar we zullen ons blijven moeien tot er verantwoorde beslissingen genomen worden en daarvoor rekenen we ook op u, minister.

De voorzitter

Mevrouw Ryheul heeft het woord.

Carmen Ryheul (Vlaams Belang)

Minister, als er een rode draad is in uw antwoorden, dan is het wel dat uw antwoorden op mijn bijkomende vragen even leeg gebleven zijn als de lege doos die u na het burgemeestersoverleg aan de bevolking hebt aangereikt. Iedereen is het erover eens dat Ventilus er absoluut moet komen en dringend gerealiseerd moet worden, maar het getreuzel van deze Vlaamse Regering vind ik stilaan wraakroepend. Opnieuw zullen er honderdduizenden euro’s aan belastinggeld verspild worden aan extra onderzoeken en studies. In mei informeerde ik nog naar de kostprijs van die intendant. Het voorlopige kostenplaatje bedroeg toen 321.000 euro. Weet u, minister, dat er mensen wakker liggen van zo’n bedrag en dat ik zelfs mails krijg van landbouwers die met verstomming dat bedrag hebben vernomen dat de intendant voor dit project uitgekeerd gekregen heeft? Dat is geld dat veel beter besteed zou worden aan de energiefacturen van onze Vlaamse mensen.

Minister, dit dossier sleept al veel te lang aan. U bent er opnieuw in geslaagd om het over het zomerreces heen te tillen. U hebt hierin een verpletterende verantwoordelijkheid. U blijft de beslissing van u afschuiven en voor u uit schuiven. Uw blunders blijven zich verder opstapelen. Het is inderdaad belangrijk dat die beslissing er komt. Ik heb u geen woord horen zeggen over de actiegroepen. Op dat vlak staat u nergens. Er blijft ook een sfeer van wantrouwen. U weet dat er, als u er niet in slaagt hen mee te krijgen, ongetwijfeld lange juridische procedures dreigen. Hoe langer een doorbraak wordt uitgesteld, hoe moeilijker het ook wordt om tot een akkoord te komen.

Ik verzeker u, u zei het daarnet zelf: we leven in een rechtstaat. Maar als Ventilus bovengronds komt, dan zal het verzet in West-Vlaanderen ongezien zijn. Het verderzetten van de bovengrondse alternatieven heeft geen enkele zekerheid meer.

Ik rond af. Uiteraard hopen wij ook met onze fractie dat het resultaat van het bijkomend onderzoek zal leiden tot die ondergrondse Ventilusverbinding, want de West-Vlamingen kunnen in elk geval op onze onvoorwaardelijke steun blijven rekenen, en op het feit dat we druk zullen blijven uitoefenen in dit dossier, en verder zullen blijven opkomen voor dat ondergrondse Ventilusdossier.

De voorzitter

De vragen om uitleg zijn afgehandeld.

 


  Nieuwsflash
 
Bladluisdruk, ook bij tolerante wintergerstrassen op te volgenLees meer
 
 
Campagne Tiense Suikerraffinaderij van startLees meer
 
 
Uitbetaling van inhoudingen voor financiële discipline Lees meer
 
 
Oorlog - crisissteun landbouw: 8,17 miljoen euro aanpassingssteunLees meer
 
 
Droogte: afwegingskader voor prioritair watergebruik tijdens waterschaarsteLees meer
 
 
Landbouwbedrijven - Windmolens Lees meer
 
 
Droogte 2020 - Afhandeling dossiers (update)Lees meer
 
 
Landbouwbedrijven - Energiescans Lees meer
 
 
Energiescans Lees meer
 
 
Appelteelt - Evolutie Lees meer
 
 
EU-landbouwsubsidies - Fraudebestrijding Lees meer
 
 
Tegen agribashingLees meer
 
 
Landbouwministers kritisch op EU-afbouwplan gewasbescherming Lees meer
 
 
'Break Nature' in de privé chalets van 'Ferme de Sorval' les Hauts de FranceLees meer
 
 
Plan Vlaamse Veerkracht: wijziging besluit subsidies groene maatregelen land- en tuinbouwbedrijven Lees meer
 
 
Knelpunt in het Ijzerbekken en de haven van Nieuwpoort Lees meer
 
 
De inflatie bedraagt 11,27% Lees meer
 
 
Actieplan ‘Welbevinden in de Land- en Tuinbouw’: gedachtewisselingLees meer
 
 
3.662.000 euro voor wetenschappelijk onderzoek inzake voedselveiligheid en sanitair beleid Lees meer
 
 
De klimaatmaatregelen in de landbouwsectorLees meer